22  Screening-alarm

22.1  Algemeen

Het screening-alarm kan bijvoorbeeld worden gebruikt op luchthavens om passagiers te detecteren met een verhoogde lichaamstemperatuur,‎ wat kan duiden op koorts.
Wanneer het screening-alarm wordt geactiveerd,‎ wordt er een vakmeting ingeschakeld en worden de screening-gegevens in de resultatentabel weergegeven.
icon De gemiddelde proeftemperatuur.
icon De alarmtemperatuur.
icon De gemeten temperatuur.
Het alarm wordt geactiveerd wanneer de vakmeting een temperatuur meet die hoger is dan de alarmtemperatuur. De alarmtemperatuur is de som van een gespecificeerde toegestane afwijking en een vastgestelde gemiddelde waarde.

22.2  Procedure

Volg deze procedure:

Activeer de screeningmodus door icon (Opties)‎ > Apparaatinstellingen > Camera-instellingen > Screeningmodus = Aan te selecteren.

Druk op de joystick om het menusysteem weer te geven.

Gebruik de joystick om naar icon(Opnamemodus)‎ te gaan.

Druk op de joystick. Hierna verschijnt een submenu.

Selecteer icon (Screening)‎.

Druk op de joystick. Er verschijnt nu een dialoogvenster waarin u de instellingen voor het alarm kunt definiëren.

  • Toegestane afwijking: de toegestane afwijking van het vastgestelde gemiddelde.
  • Alarmgeluid: toepasselijke waarden zijn Pieptoon of Geen geluid.

Druk op de joystick. Hiermee sluit u het dialoogvenster.

Richt de camera op het gewenste object. Het object moet zich binnen het kader van de vakmeting bevinden.

Druk op de programmeerbare knop icon en houd deze ingedrukt om het vastgestelde gemiddelde te resetten.

Druk op de programmeerbare knop icon om een proef te nemen.

Richt de camera op meer gewenste objecten. Neem 10 maal een proef om een proefbasis op te bouwen door de programmeerbare knop icon in te drukken.

Het alarm is nu ingesteld en gereed voor gebruik. Neem zo nu en dan een proef indien het alarm gedurende een lange periode wordt gebruikt of als de omstandigheden veranderen.