Volg deze procedure:
Schakel de camera uit.
Zet het klepje van het batterijvak omhoog.

Vertwijder het batterij-pack.
Vervang de drie standaard AAA-batterijen; let erop dat de batterijpolen in de juiste richting wijzen.
Plaats het batterij-pack in het batterijvak.
Druk het klepje van het batterijvak omlaag en vast. Het klepje maakt een klikgeluid als het wordt vergrendeld.

Volg deze procedure:
Richt de camera op het gewenste punt.
Druk op de trigger om het beeld stil te laten staan.
Druk opnieuw op de trigger om terug te gaan naar het live-beeld.
Volg deze procedure:
Schakel de camera uit.
Zet het klepje van het batterijvak omhoog. Lees paragraaf 8.1 De batterijen vervangen voor meer informatie hierover.
Vertwijder het batterij-pack.
Zet de schakelaar voor de temperatuureenheid in de gewenste stand:
Plaats het batterij-pack in het batterijvak.
Druk het klepje van het batterijvak omlaag en vast. Het klepje maakt een klikgeluid als het wordt vergrendeld.